LEREN & LOGEREN

Twee maanden op Burton ILI – Oliver Westhoek (23)

Drie maanden en een handjevol studiepunten had ik nog te gaan. Elke dag, elke week voelde ik me meer wegglijden. Waarom doe ik dit nog? Voor wie eigenlijk? Ik zat steeds meer op mijn studentenkamer en trok me terug. Als vrienden me appten om iets te gaan drinken, zei ik maar dat ik me niet lekker voelde of elk ander plausibel excuus. Na een tijdje appten ze me niet meer.

Mijn ouders heb ik er lang niks over verteld. Ik hield de schone schijn op dat alles prima ging. Dat leek een stuk gemakkelijker dan het mikpunt worden van al hun goedbedoelde adviezen en nog erger, hun quasi-nonchalance over het niet afmaken van mijn studie. Ik wist dat ze niet meer zouden slapen als ik de stekker eruit zou trekken.

Een lang verhaal kort: ik heb de stekker er uitgetrokken. De tsunami van onbegrip en ongeloof heb ik gelaten over me heen laten komen. Het ene argument na het andere vloog me om de oren. Het bevestigde me in mijn keuze. “Maar je bent er echt bijna”! (mijn moeder). “Zonder dat papiertje maak je het jezelf alleen maar moeilijk” (mijn vader). “Maar je bent zó intelligent en het gaat je allemaal zó makkelijk af, stoppen is echt het stomste wat je kunt doen”! (mijn vader en mijn moeder)

Ik ben er van overtuigd dat ze diep in hun hart wel weten dat het goed komt. Van kleins af aan was ik al anders dan mijn leeftijdgenootjes. Maar ik redde me wel. Als je altijd voor bent op de rest, bijna niets hoeft te doen om iets te leren of te doen, vinden anderen je maar raar. Een beetje eng ook. Ik heb een fotografisch geheugen en hoef iets maar één keer te zien en ik onthoud het voor altijd. Vriendjes verdragen je en anderen gaan je uit de weg als je jong bent. Veel leraren vinden je arrogant of intimiderend. Ik heb ze lang een uitgeklede versie van mezelf gegeven om maar geaccepteerd te worden. Ik wilde er zó graag ook bij horen.

Ik ben goed met cijfers en analyseren. Maar ik wil niet nu als zovelen klakkeloos gaan solliciteren om de volgende 50 jaar een carrière na te jagen. Ik wil blijven geloven dat het anders kan, anders moet. Ook voor de wereld, juist voor de wereld. Dit houdt toch niemand vol? Wie houden we voor de gek? Ik wil me ook niet alleen maar met cijfers bezighouden. Die hebben context, die vertellen iets en ik wil die verhalen erachter blootleggen.

Op mijn tijdlijn plaatste ik een bericht om te kijken wat er zou gebeuren: Dwarse denker – 23 – zoekt organisatie – om de verhalen achter de cijfers te vertellen – #studieeconometrienetnietafgemaakt #ermoettochmeerzijn. Ik kreeg een lading ‘haters’ over me heen die het gebaande pad volgen en niet kunnen uitstaan dat je het zo probeert. Maar ook een reactie van ene Emiel. Hij vroeg of ik hem wilde bellen. Bloedzenuwachtig belde ik hem op. Weer lang verhaal kort; binnen een paar minuten had het gesprek een wending genomen en hadden we het over onderwerpen, geweldig! Hij stelde me niet de geijkte vragen. Emiel vertelde superenthousiast over het bedrijf dat hij samen met twee anderen had opgericht en gaf aan wat hun aannamebeleid is. Ze willen veelbegaafde, dwarse denkers die vanuit liefde en wijsheid hun steentje willen bijdragen aan de wereld. Geen volgers, maar frontrunners.

Nadat ik hem en zijn mede-oprichters had ontmoet en we samen ook alweer supergave gesprekken hadden die een onpeilbare diepte in gingen, zeiden ze dat ze me wilden aannemen. Voorwaarde was dat ik eerst twee maanden naar Burton ILI zou gaan. Om me onder te dompelen in Life Intelligence maar ook om mee te gaan in het leven van alledag daar. De verbinding te voelen, de oorsprong te ervaren en levenslessen op te doen. Hun cadeau aan mij zeiden ze.

Ik ben hier nu bijna zes weken. Ik ben een toontje lager gaan zingen. Als je ziet wat voor bijzondere mensen hier wonen en aanwaaien zoals ik, dan realiseer je je ineens dat er zoveel meer is dan je dacht. Ik ben nog nooit ergens niet veruit de slimste geweest. But I met my match and masters here. Het gevoel van rentmeesterschap raakt me echt. Het voelt als thuiskomen. We doen een hoop samen: eten, koken, zwemmen, hiken, houthakken. Ik heb het op me genomen om Francis en Richard dagelijks te voeren. Het zijn ‘mijn zwijnen’. Zonder dat het zo voelt, doorloop ik een coachingprogramma Zelfsturend Leiderschap met Lodewijk en Ellen. Lodewijk neemt me vaak mee naar een bijzondere plek in het bos, wat eigenlijk bij het kasteel hiernaast hoort, omdat daar vaak een edelhert te zien is. Van Ellen heb ik het gevoel dat ze dwars door me heen kijkt en altijd weet hoe ik me voel. Ik bied vaak aan Nynke aan om mee te gaan boodschappen doen, even lekker naar Argentan. Ik vind het nu al jammer dat het over ruim twee weken moet eindigen. Deze plek straalt een energie en tegelijk een rust uit die ik vaker wil meemaken. Toch heb ik ook erg veel zin om te beginnen, juist nu ik dit gedaan heb! Ik kan niet wachten om het in de praktijk te brengen en samen met mijn nieuwe club te doen waar ik goed in ben. Samen met de organisatie waarvoor ik werk wil ik de wereld steeds een beetje mooier maakt dan hij was.